In 2016 verloor Marc zijn echtgenote. Marc en Marie-Jeanne leerden elkaar in 1954 als kind kennen, van vriendschap kwam liefde - en in 1970 een huwelijk. Het ouderschap van een zoon en een dochter werd bekroond met 4 kleindochters. Kort nadat ze hun 46ste huwelijksverjaardag vierden overleed Marie-Jeanne heel plots. Marc vertelt wat rouw met hem doet.
“We vierden naar jaarlijkse gewoonte met z’n tweetjes onze huwelijksverjaardag in Ieper. We liepen nog een keer ‘handje in handje’ langs de vestingen. Zoals we het ooit wat stiekem deden op onze eerste schuchtere rendez-vous-tjes zoveel jaar geleden. De zomerse week kabbelde rustig verder met de lichtheid van de mooie dagen. Die vrijdagavond gingen we schouder aan schouder tevreden slapen. Het werd onze laatste nacht samen. Bij het ontwaken op zaterdagmorgen kreeg ik Marie-Jeanne niet meer wakker. Een centrale hersenbloeding had haar in een onomkeerbare diepe coma gebracht. Zonder pijn en zonder zorgen was zij weg. En bleef ik onherroepelijk alleen achter, na 46 jaar samenzijn.”
Marc leerde de voorbije 10 jaar ‘aanvaarden’ dat Marie-Jeanne er niet meer is, maar houdt de band met haar in stand. “Tijdens familie-uitstappen wordt nog vaak over haar gesproken. Er worden herinneringen opgehaald en soms ook grapjes gemaakt. Op vakantie neem ik altijd een foto van haar mee, samen met een kaarsje.” Ook tijdens kerst en nieuwjaar steekt hij een kaarsje aan - en tijdens het jaar zet hij regelmatig bloemen bij haar foto.
“Thuis zijn er veel kleine dingen die mij aan haar herinneren. Zo liggen sommige zakdoeken nog steeds zoals zij ze ooit heeft opgestapeld. Soms open ik een kast die ik bijna nooit gebruik en vind ik er iets van haar terug. Of duiken de herinneringen onverwacht op. Bijvoorbeeld wanneer ik in bed automatisch nog rekening houd met haar plek naast mij. Ik zoek die herinneringen niet bewust op, maar probeer ze ook niet weg te stoppen.”
Marc ontdekte dat niet enkel hij en zijn kinderen rouwen, maar ook de vriendin van zijn echtgenote, de naaste buurvrouw die haar babbeltje kwijt is en de verenigingen waar zij lid van was en wiens leden haar missen. Een overlijden raakt vaak een hele gemeenschap.
“Mijn schatje en ik waren beiden sociaal geëngageerd. De kerk zat dan ook overvol bij de begrafenis, wat zeer troostend was. En vanaf het begin was ik sociaal goed omringd.” Na de uitvaart kreeg Marc druppelsgewijs mensen over de vloer. “Voor mij was dat een vorm van rouwen. Iedereen wilde komen babbelen. En ik mocht heel de tijd weer mijn verhaal doen. Naargelang de graad van intimiteit verliepen de gesprekken soms wat zakelijker, maar bij anderen kon ik echt mijn hart uitstorten.”
Marc krijgt steun van de kinderen, de kleinkinderen, (schoon)broers en (schoon)zussen en de buren. En zelfs marktkramers – van op de markt die Marc en Marie-Jeanne op vrijdag steevast bezochten – maakten uitvoerig tijd om naar zijn verhaal te luisteren.
Toch vindt Marc dat je als rouwende zelf ook dingen kan doen om gepaste steun te krijgen. Zo raadt hij aan om uitnodigingen niet af te slaan. “Ik probeer ook bewust zelf contact te zoeken met anderen, want eenzaamheid ligt makkelijk op de loer. Sociale contacten blijven belangrijk, ook als dat soms moeite kost. Het is belangrijk om hulp toe te laten.”
Ook schrijft hij regelmatig over zijn ervaringen. Door open te zijn over zijn gevoelens en zich kwetsbaar op te stellen, merkt hij dat anderen zich daarin herkennen. Hij volgde ook rouwsessies bij lotgenotenvereniging ‘ConTempo’. “Hierdoor kregen we inzichten, maar ook troost en bemoediging. Onder lotgenoten voelden we (h)erkenning van wat het is plots iemand te moeten missen.”
Ik zou zo graag nog eens thuis willen komen,
met de geur van verse soep, als je warm welkom.
Er m’n verhaal mogen vertellen,
en dat van jou beluisteren
en dit veilig geborgen weten,
binnen de muren van dit huis.
Ik zou zo graag nog eens thuis willen komen,
je voorzichtig wakker fluisteren
en je nabijheid koesteren.
Je zachte huid voelen
en ons verliezen in tederheid,
samen dit huis tot ankerplaats maken,
onze thuishaven.
Ik kom nu thuis, m’n lief,
in dit huis ooit door jou be-ademd,
waar elk voorwerp nog stil van je spreekt.
Waar soms, in een verre kamer,
je stem nog klinkt die me zachtjes echoot:
‘Ik ben thuis schat! Ik zie je graag.’
- Marc Vandenberghe
© Karen van Dooren
Marc zocht ook naar een artistieke manier om de herinnering aan Marie-Jeanne levendig te houden. Samen met zijn kinderen en schoonzussen verzamelde hij woorden die zijn vrouw omschreven. “27 woorden in totaal. Een kunstenares maakte daar kleine tekeningen van. Zo ontstonden kunstwerken vol herinneringen aan haar leven, die later deel zouden uitmaken van de reizende tentoonstelling ‘Verbeeld Verlies’ van ‘Cultuurvuur en ConTempo’. Het gaf me de kans om volop over mijn schatje, en ons leven samen, te kunnen praten.”
Ook speelde hij mee in een toneelstuk met ‘Grijs aan Zet’: rond de betutteling van ouderen, waarin verlies op zijn vraag een plaats kreeg. “Het doet soms ook wel pijn als je op een podium voor een volle zaal moet vertellen dat je iemand mist en je ze nog zo graag één keer zou willen omarmen. Dan wordt het muisstil in de zaal. Maar ik heb de deelname aan al die initiatieven rond rouw als heel heilzaam ervaren. Het doet deugd om erover te kunnen praten. Vroeger werden pijnlijke verliezen helaas nog veel te veel toegedekt.”
Ook Marc en Marie-Jeanne gingen het thema afscheid niet uit de weg in hun gesprekken. “Ik geloof sterk in het vooraf regelen van belangrijke zaken, zoals een zorgvolmacht of negatieve wilsverklaring. Dat kan moeilijke beslissingen voor kinderen en familie verlichten. Sterven hoort bij het leven en het is het goed om daar tijdig over na te denken. Een week voor het overlijden van Marie-Jeanne hadden we samen de documenten ingevuld voor orgaandonatie. Door orgaandonatie bezorgde ze nog een langer leven aan een medemens. Dat geeft me nu wel troost.”